Wat het private stelsel kan leren van examinering in het hoger onderwijs

De wereld van toetsing en examinering kent vele uitdagingen, zowel in het hoger onderwijs als in het private stelsel. Vanuit het hoger onderwijs zijn waardevolle lessen te trekken, zoals blijkt uit drie casussen die jurist Ton Lamers analyseerde in zijn boek ‘Terecht of Niet?’. Deze illustreren dat niet alleen structureel toezicht (zoals audits) van belang is, maar dat juist ook operationeel toezicht op de afname zelf essentieel is voor rechtszekerheid, kwaliteit en vertrouwen.

1. Fraude: overtuigend bewijs en proportionele sancties

In een zaak rond digitale fraude tijdens een tentamen werd een student voor een jaar uitgesloten van álle tentamens. De sanctie was zwaar, maar volgens de rechter gerechtvaardigd door hard bewijs en het ongeloofwaardige verweer van de student. De zaak onderstreept hoe belangrijk het is dat examencommissies handelen op basis van zorgvuldige bewijsvoering en een proportionele sanctie opleggen. Voor private exameninstellingen geldt: leg gedragsregels en sanctiebevoegdheden duidelijk vast en wees alert tijdens de afname.

2. Professionele procedure bij klachten en bezwaar

 Een hogeschool zette een student ten onrechte uit vanwege vermeende fraude. Toen de bewijsgrond verviel, kreeg de student een andere opleidingslocatie en een “coulancevergoeding”. Die aanpak bleek onvoldoende: de student eiste uiteindelijk met succes ruim €10.000 schadevergoeding en terugplaatsing. Deze casus toont het belang van herstel bij fouten en hoe gebrekkige nazorg tot reputatie- en financiële schade leidt. In het private stelsel is het ook essentieel dat klachten- en bezwaarprocedures professioneel zijn ingericht.

3. Toetscriteria zorgvuldig vastleggen 

Een student klaagde over een onvoldoende, maar kreeg nul op het rekest. In het bestuursrecht geldt dat examinatoren en examencommissies binnen hun professionele beoordelingsruimte mogen handelen, mits ze ‘in redelijkheid’ tot hun oordeel komen. Toch is het van belang dat toetscriteria goed zijn vastgelegd, dat beoordelaars onafhankelijk en deskundig zijn en dat besluiten helder gemotiveerd zijn. Voor private instellingen betekent dit: borg de toetsdeskundigheid én zorg dat je dossiervorming op orde is.

Toezicht vereist meer dan een papieren audit

Deze drie voorbeelden laten zien dat het belangrijk is dat toetsing goed is vastgelegd, uitgevoerd en bewaakt. Niet alleen op papier, maar ook tijdens de afname. Juist daar ontstaan fouten, interpretaties of integriteitskwesties. Goed toezicht vraagt daarom om structurele audits én operationeel toezicht: aanwezig zijn bij examens, alert zijn op signalen en ingrijpen bij onregelmatigheden. Alleen dan is er sprake van een systeem dat diploma’s waardevast en eerlijk houdt, in elke sector.

Ander nieuws

Gepubliceerd op 09 juli 2026

Afkopen van "gezeik"

Gepubliceerd op 02 juli 2026

Besluit van De Examenkamer volgend op het position paper

Gepubliceerd op 28 mei 2026

De verschillen tussen private/branche examinering en onderwijsexaminering

© 2026 Stichting Examenkamer K.v.K. 41159758